elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: biljartbal

biljartbal , biljartbal , de , biljartbal Hij is zo glad as een biljartballe helemaal kaal (Mep)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
biljartbal , biljatballe , zelfstandig naamwoord , de; biljartbal
Bron: Bloemhoff, H., J. Withaar, A. Bloemhoff en T. Bontekoe (2005), Stellingwarfs-Nederlands Verklarend Handwoordenboek (SNVH), Berkoop/Oldeberkoop: Stichting Stellingwarver Schrieversronte.
biljartbal , [om mee te biljarten] , buljartbol , biljartbal
Bron: Laat, G. de (2011), Zoo prôte wèij in Nuejne mi mekaâr, Nuenen
biljartbal , biljartbal , biljartballe , kaal hoofd.
Bron: Scholtmeijer, H. (2011), Veluws handwoordenboek, Almere.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal