elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: aaltkelder

aaltkelder , aaltenkelder , plaats om gier op te slaan.
Bron: Bos-Vlaskamp, G. e.a. (1994), Olster woorden, Olst.
aaltkelder , aeltenkelder , gierkelder.
Bron: Werkgroep Dialekt van het Cultuur Historisch Genootschap Raalte (1995), Nieuw Sallands Woordenboek, Raalte
aaltkelder , aalkelder , de , (Zuidoost-Drents veengebied) = gierkelder Het kind was in de aalkelder vallen (Klv), zie ook eelgat
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
aaltkelder , aaltekelder , (Kampereiland, Kamperveen) gierput
Bron: Fien, A., Ph.C.G.M. Bloemhoff-de Bruijn en J. Gunnink (2000), Woordenboek van de Kamper Taal, Kampen
aaltkelder , aeltnkelder , gierkelder.
Bron: Dialectwârkgroep Heerde/Waopmvelde (2004), Nieje Heerder Woordnboek, Heerde.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal