elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: aam

aam , aom , (onzijdig) , aome , aam (vat).
Bron: Gallée, J.H. (1895). Woordenboek van het Geldersch-Overijselsch Dialect. Deventer: H.P. Ter Braak
aam , aam , het , (Zuidwest-Drenthe, zuid) = oude vochtmaat van vier ankers Een aanker wien [44 of 45 flessen] is een kwart aam (Uff)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
aam , aom , (vrouwelijk) , aam, inhoudsmaat , Ein aom beer: 120-150 liter bier.
Bron: Tonnaer, M. en Har Sniekers (eindred.), (2012), Thoears Woeardebook, Thorn


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal