elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: aanmeten

aanmeten , anmeten , in: ’n nei buisien anmeten = een pak slaag geven.
Bron: Molema, H. (1889), Proeve van een woordenboek der Drentsche volkstaal in de 19e eeuw, handschrift
aanmeten , ånmiätten , aanmeten; zie miätten
Bron: Jonker, L. & H.G. van Grol (z.j., ca 1940), Woordenboek dialect van Vriezenveen
aanmeten , anmeten , sterk werkwoord, overgankelijk , 1. aanmeten Ik laot mai een naai pak anmeten (Row) 2. een pak slaag geven Aj oe niet stille holdt, zal ik oe ies even een pakkie anmeten (Rui), Hij mette hum der eine an (Bco) 3. met grote passen lopen Daor komp Jan ok weer anmeten mit zien lange bienen (Eri) 4. bijhouden (Zuidoost-Drents zandgebied) Ik kan hum niet anmeten (Sti)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
aanmeten , anmeten , werkwoord , 1. aanmeten 2. in je wat anmeten laoten zich wat laten aanpraten 3. zich eigen maken, als gewoonte aannemen 4. toedienen, geven 5. flink doorstappen, met grote passen lopen 6. gewoon worden te doen
Bron: Bloemhoff, H., J. Withaar, A. Bloemhoff en T. Bontekoe (2005), Stellingwarfs-Nederlands Verklarend Handwoordenboek (SNVH), Berkoop/Oldeberkoop: Stichting Stellingwarver Schrieversronte.
aanmeten , [de maat nemen; zich toe-eigenen] , anmèten , (werkwoord) , aanmeten. Een pak laoten anmèten. Pas maer op, anders za-k oe der iene anmèten ‘pas maar op, anders zal ik je een oplawaai verkopen’.
Bron: Kraijer, M., H. Mulder, D. Visscher en Ph. Bloemhoff (2009), Op zien Zwols: Woordenboek van de Zwolse Taal, Kampen: IJsselacademie


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal