elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: aardappelmaal

aardappelmaal , [maaltijd van aardappel] , earpelmaol , zie: maal.
Bron: Molema, H. (1889), Proeve van een woordenboek der Drentsche volkstaal in de 19e eeuw, handschrift
aardappelmaal , erpelmaol , het , 1. inzameling bij de bewoners van het dorp van aardappelen ten behoeve van arme mensen (Zuidoost-Drents zandgebied, dva) ’s Harfs wuur der erpelmaol holden veur de arme lu. Dan wuurden der erpel henbracht (Sle), As de eerpel der ongeveer oet waren, gung een eerappelkrabber bij een paar boeren langs veur een eerappelmaol. Dit wuurd dan bij ien boer hoolden. Op die aovend kwamen dan de boeren, die het anzegd was, met een ponggien eerpel. Waor het hoolden wuurd, zörgden ze veur koffie. De eerappelkrabber zörgde veur tabak (Pdh) 2. middageten (Zuidwest-Drenthe) 3. maaltijd, als de aardappels gerooid zijn (Noord-Drenthe, Zuidoost-Drents zandgebied, Zuidwest-Drenthe, zuid) Under het eerpelmaol wordt verstaon: euliekoouken (Eex) 4. maaltijd van uitsluitend aardappels (Zuidwest-Drenthe, noord)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal