elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: aardige

aardige , aorig , aorige , raar, rare ’nen aorig(e) een rare snoeshaan.
Bron: Kerkhoff, Chris (1970 ev), Dialectwoordenlijst van het Land van Cuijk, Cuijk
aardige , aordige , aordigerd , de , aordigen , (Zuidoost-Drents zandgebied, Zuidwest-Drenthe, zuid). Ook aordigerd (Midden-Drenthe). Vaak zonder d uitgesproken = eigenaardig persoon Dat is wat een aordige (Hol), Dat is wel wat een aordigerd (Hoh), zie ook aordigien
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
aardige , aorege , rare. in de uitdrukking: “da’s un aorege”, “dat is een rare”.
Bron: Luysterburg, J. e.a. (2007), Dialecten in het Zuidkwartier. Hoogerheide, Ossendrecht, Putte, Woensdrecht, Heemkundekring Het Zuidkwartier.
aardige , aorige , apart iemand , da’s toch n’n aorige, ééj = dat is toch een aparte-
Bron: Melis, A. van (2011) Bikse Praot. Prinsenbeeks Dialectwoordenboek. Prinsenbeek: Heemkundekring ‘Op de Beek’
aardige , aardige , (mannelijk) , rare kwast, eigenaardige, zonderling , Det is einen aardige!
Bron: Tonnaer, M. en Har Sniekers (eindred.), (2012), Thoears Woeardebook, Thorn


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal