elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: aftimmeren

aftimmeren , oftimmern , zwak werkwoord, overgankelijk , 1. aftimmeren Naodat de beide hoezen oftimmerd wazzen, mus Bèrend Barrelbrik wèer in de school an het waark (ti) 2. afschieten Ze hebt door twei slaopkamers oftimmerd (Bov)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal