elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: baklamp

baklamp , baklamp , baklocht , (niet Kop van Drenthe). Ook baklocht (Zuidoost-Drents zandgebied, Zuidwest-Drenthe, zuid) = 1. open, met olie gevulde blikken lamp 2. apart persoon (Zuidwest-Drenthe, noord) Wat een baklaampe is dat (Dwi)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
baklamp , baklampe , (Gunninks woordenlijst van 1908) koperen lamp die kan staan en hangen en waarin men raapolie brandt
Bron: Fien, A., Ph.C.G.M. Bloemhoff-de Bruijn en J. Gunnink (2000), Woordenboek van de Kamper Taal, Kampen
baklamp , baklampe , baklamp, ouderwetse lamp die gebruikt werd bij het billen (scherpen) van de molensteen.
Bron: Dialectwârkgroep Heerde/Waopmvelde (2004), Nieje Heerder Woordnboek, Heerde.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal