elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: balhouwen

balhouwen , balhouwen , onbepaald werkwoord , 1. kinderspel, soort hockey (Zuidoost-Drents zandgebied, Midden-Drenthe) Bij oos was balhouwen een kinderspel, net hockey. Elk hef een stok, ... gebogen stok (Wes) ...maor in plaots van een doel is er een koel in de grond van ong. 20 cm in deursnee. Daor mot één partij preberen de holten bal in te kriegen, terwiel de aander partij heur prebeert tegen te holden (And) 2. kastie (Zuidwest-Drenthe, zuid, Zuidoost-Drents zandgebied), zie ook balslaon
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal