elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: antraciet

antraciet , antresit , mannelijk , antraciet.
Bron: Schelberg, P.J.G. (1986), Woordenboek van het Sittards dialect, Amsterdam
antraciet , antersiet , antresiet, antrasiet, anteresiet , Ook antresiet, antrasiet, anteresiet (Zuidwest Drenthe, noord, Zuidoost-Drents veengebied) = 1. antraciet Wij hebt de winterbraand al in huus, eierkolen, mar ook antresiet (Hgv) 2. antracietkleur
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
antraciet , antersiet , antresiet , zelfstandig naamwoord , de, bet. 2: et 1. antracietkool 2. antracietkleur
Bron: Bloemhoff, H., J. Withaar, A. Bloemhoff en T. Bontekoe (2005), Stellingwarfs-Nederlands Verklarend Handwoordenboek (SNVH), Berkoop/Oldeberkoop: Stichting Stellingwarver Schrieversronte.
antraciet , antresiet , zelfstandig naamwoord mannelijk , - , - , antraciet , antresietVB: antresiet wäor vreuger de deurste koële dy 't haw, daovuur sjtoëkde vëul lûi sjlaam.
Bron: Jaspars, G. en H. Fiévez (2006-2008), Woordenboek van het Gronsvelds, Gronsveld/Ryckholt
antraciet , antresiet , (mannelijk) , antraciet, steenkoolsoort , Goeaj nog ’ns get antresiet in d’n haard.
Bron: Tonnaer, M. en Har Sniekers (eindred.), (2012), Thoears Woeardebook, Thorn
antraciet , anterciet , antraciet
Bron: Arts, Jan (2015), Brónsgreun Bukske, Editie Veldes dialek, Velden.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal