elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: Aswoensdag

Aswoensdag , Assewoensdag , Asselewoensdag , m , Aswoensdag.
Bron: Kerkhoff, Chris (1970 ev), Dialectwoordenlijst van het Land van Cuijk, Cuijk
Aswoensdag , Ėsjelegounsdich , mannelijk , Aswoensdag. Ėsjelegounsdich wurt i Zittert den heering gebeete: Aswoensdag gaan de carnavalvierders naar hun stamcafé's, waar hun gratis bier, zwartbrood en haring wordt aangeboden.
Bron: Schelberg, P.J.G. (1986), Woordenboek van het Sittards dialect, Amsterdam
Aswoensdag , aswoenzich , Aswoensdag, de eerste dag van de grote vasten.
Bron: Crompvoets, H. en J. van Schijndel (1991), Mééls Woordeboe:k. Meijel: Medelo.
aswoensdag , aswoensdag , de , (r.k.) = woensdag na carnaval, eerste dag van de vastentijd *Zoas het aswoensdag weert, weert het de halve vasten (Bco)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
aswoensdag , asgoonstig , essjelegoonstig , zelfstandig naamwoord mannelijk , - , - , Aswoensdag , asgoonstig VB: Wat ich neet begriép ês dat sommige vastelaovendsveerders op 11 november al begênne en mêt asgoonstig nog doer goën, dy kriége oüch noets genôg.; essjelegoonstig (vero.)
Bron: Jaspars, G. en H. Fiévez (2006-2008), Woordenboek van het Gronsvelds, Gronsveld/Ryckholt
Aswoensdag , asselewoenzeg , zelfstandig naamwoord , Aswoensdag (Land van Cuijk)
Bron: Swanenberg, A.P.C. (2011), Brabants-Nederlands: Nederlands-Brabants: Handwoordenboek, Someren
Aswoensdag , [aswoensdag] , Asgoonsdig , Aswoensdag
Bron: Tonnaer, M. en Har Sniekers (eindred.), (2012), Thoears Woeardebook, Thorn
aswoensdag , asgoonsdig , zie aswoonsdig
Bron: Janssen, L. (2013), Limburgs Woordenboek Heels-Nederlands, Heel.
aswoensdag , aswoonsdig , woensdag in de carnavalsweek, na vastenavond (dinsdag), waarop men een askruisje kan halen tijdens of na de mis ook asgoonsdig zie ook hiëringsjèlle
Bron: Janssen, L. (2013), Limburgs Woordenboek Heels-Nederlands, Heel.
Aswoensdag , Asgoonsdig , Aswoonzig, Aswoonsdig, Asgoonzig , eigennaam , Aswoensdag
Bron: Feijen, Jan (2013), Zoeë Kalle Vae - Weertlands woordenboek, Weerd.
Aswoensdag , Aswoensdig , Aswoensdag
Bron: Arts, Jan (2015), Brónsgreun Bukske, Editie Veldes dialek, Velden.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal