elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: baantje

baantje , baenke , onzijdig , et baenke, locaaltreintje Tudderen – Geilenkirchen.
Bron: Schelberg, P.J.G. (1986), Woordenboek van het Sittards dialect, Amsterdam
baantje , bòntje , zelfstandig naamwoord, verkleinwoord , baantje; J. Cornelissen & J.B. Vervliet, Idioticon van het Antwerpsch dialect (1899): BAANTJE zelfstandig naamwoord onzijdig - betrekking, bediening
Bron: Sterenborg, W. en E. Schilders (2014), Woordenboek van de Tilburgse Taal (WTT), Tilburg: Stichting Cultureel Brabant


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal