elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: brandglas

brandglas , brenglaas , onzijdig , brenglaazer , brenglaeske , brandglas.
Bron: Schelberg, P.J.G. (1986), Woordenboek van het Sittards dialect, Amsterdam
brandglas , braandglas , zelfstandig naamwoord , et; brandglas
Bron: Bloemhoff, H., J. Withaar, A. Bloemhoff en T. Bontekoe (2005), Stellingwarfs-Nederlands Verklarend Handwoordenboek (SNVH), Berkoop/Oldeberkoop: Stichting Stellingwarver Schrieversronte.
brandglas , [vergrootglas] , brandjglaas , (onzijdig) , brandglas, vergrootglas, lens
Bron: Tonnaer, M. en Har Sniekers (eindred.), (2012), Thoears Woeardebook, Thorn


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal