elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: gapsel

gapsel , gaopsjẹl , goupsjẹl , vrouwelijk , gaopsjẹle/goupsjele , gaopsjẹlke/guipsjelke , zoveel als men in de holte van de twee tegen elkaar gehouden handen kan bevatten.; goupsjel zie: gaopsjel.
Bron: Schelberg, P.J.G. (1986), Woordenboek van het Sittards dialect, Amsterdam


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal