elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: gaslantaarn

gaslantaarn , gaaslantaer , gaaslamp , mannelijk , gaaslantaere , gaaslantaerke , gaslantaarn.
Bron: Schelberg, P.J.G. (1986), Woordenboek van het Sittards dialect, Amsterdam
gaslantaarn , gaslanteern , gaslantaarn.
Bron: Werkgroep Dialekt van het Cultuur Historisch Genootschap Raalte (1995), Nieuw Sallands Woordenboek, Raalte
gaslantaarn , [lantaarn die op gas brandt] , gaslanteern , (zelfstandig naamwoord) , gaslantaarn.
Bron: Kraijer, M., H. Mulder, D. Visscher en Ph. Bloemhoff (2009), Op zien Zwols: Woordenboek van de Zwolse Taal, Kampen: IJsselacademie
gaslantaarn , [gaslantaarn] , gaaslantaer , (vrouwelijk) , gaslantaarn
Bron: Tonnaer, M. en Har Sniekers (eindred.), (2012), Thoears Woeardebook, Thorn
gaslantaarn , gaslantèère , zelfstandig naamwoord , gaslantaarn; Cornelissen & Vervliet - Idioticon van het Antwerpsch - 1899 -  Gaslantèren zelfstandig naamwoord v + m. - gaslantaarn
Bron: Sterenborg, W. en E. Schilders (2014), Woordenboek van de Tilburgse Taal (WTT), Tilburg: Stichting Cultureel Brabant


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal