elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: inlichten

inlichten , ilichte , lichde in, haet of is igelich , inlichten.
Bron: Schelberg, P.J.G. (1986), Woordenboek van het Sittards dialect, Amsterdam
inlichten , inlichten , zwak werkwoord, overgankelijk , inlichten Zie hebt mij niet op tied inlicht en non kan ik er niks mèer an doen (Zwe), Hebt ze de femilie al inlicht? (Wijs)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal