elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: inrichten

inrichten , inrichte , richde in, haet of is ingerich , inrichten.
Bron: Schelberg, P.J.G. (1986), Woordenboek van het Sittards dialect, Amsterdam
inrichten , inriechte , inrichten , Ze gôn de straot oovernuuw inriechte zègge ze, dé zal nog 'n hil revôzzie worre. Ze gaan de straat opnieuw inrichten zegt men, dat zal nog een hele ravage worden.
Bron: Hendriks, W. (2005), Nittersels Wóórdenbuukske. Dialect van de Acht Zaligheden, Almere


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal