elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: achterlijk

achterlijk , achterlik , achterlijk.
Bron: Daelen-Meuter, Jos. van (ca. 1937), Venloos waordebook, ongepubliceerd typoscript, Venlo.
achterlijk , achterliek , bijvoeglijk naamwoord, bijwoord , 1. achterlijk in groei of geestelijke ontwikkeling Dat is achterlieke rogge (Sle), De eerappels binnen achterlijk (Eri), Dat kiend van de buren is wat achterlijk (Wsv) 2. achterop geraakt (Zuidoost-Drents zandgebied) Ik heb mij wat verslaopen en nou bin ik de hiele dag wat achterlijk mit het wark (Stu), Dende die raust er deur, mor het wark is achterlijk (Sle)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
achterlijk , aachterlik , aachterliek , bijvoeglijk naamwoord, bijwoord , 1. achterlijk in ontwikkeling: van personen 2. achter qua groei (van planten, dieren) 3. achter met het werk, de activiteiten
Bron: Bloemhoff, H., J. Withaar, A. Bloemhoff en T. Bontekoe (2005), Stellingwarfs-Nederlands Verklarend Handwoordenboek (SNVH), Berkoop/Oldeberkoop: Stichting Stellingwarver Schrieversronte.
achterlijk , échterlik , aachterlik, éterlik , bijvoeglijk naamwoord , achterlijk , VB: Doég neet zoe échterlik, de begrips mich verrêkdes good; aachterlik; éterlik
Bron: Jaspars, G. en H. Fiévez (2006-2008), Woordenboek van het Gronsvelds, Gronsveld/Ryckholt
achterlijk , achterlijk , laat, traag (W.-Veluwe).
Bron: Scholtmeijer, H. (2011), Veluws handwoordenboek, Almere.
achterlijk , aachterlek , bijvoeglijk naamwoord , achterlijk, ouderwets; Et ha ammòl hil aanders kunne lôope as we nie van die aachterleke aawelui han gehad. (Lodewijk van den Bredevoort – ps. v. Jo van Tilborg, Kosset den brèùne eigeluk wel trekken? Dl. 2, Tilburg 2007)
Bron: Sterenborg, W. en E. Schilders (2014), Woordenboek van de Tilburgse Taal (WTT), Tilburg: Stichting Cultureel Brabant


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal