elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: anderhalf

anderhalf , anderhalf , In ’t Oldampt en Westerwolde: anderhalve stuver = Ommelanden achtalve cent, ’n uur anderhalf = ongeveer anderhalf uur. – Voor zeer weinig personen, bv. op eene vergadering, zegt men spottend: (er waren) anderhalf man en ’n perekop (paardenkop). Aan Tijl Uylenspiegel ontleend.
Bron: Molema, H. (1895), Woordenboek der Groningsche Volkstaal in de 19e eeuw (handschrift met aanvullingen op gedrukte editie uit 1887)
anderhalf , aârf , arelf, arehalf , oude samentrekking van anderhalf. Vgl. aâr. || Aarve cent (van een verloofd paar, waarvan de een veel langer is dan de ander). – Aarfhoofd, scheldnaam van iemand met een dik hoofd. – Evenzo in geheel N.-Holl. Vroeger was ook in gebruik aarfke, voor anderhalfke, d.i. halftweetje (vgl. halfelfje). || As de zon op ’t troor is, dan is ’t aarfke (als de zon op de etensspinde schijnt, is het half twee), Hs. Kool. || Als zelfstandig naamwoord aârf-en-aârf, in de houthandel, een lat vanAmsterd. duim breed en dik. De aârf-en-aârven worden bij bossen van zes stuks te zamen gebonden. || Douw me die aârf-en-aârf ers an (schuif me die lat eens toe).
Bron: Boekenoogen, G.J. (1897), De Zaanse Volkstaal. Deel II: Zaans Idioticon - Aanvullingen. Zaandijk (herdruk 1971)
anderhalf , aâref , aârlef , samentrekking van anderhalf. Zegswijze ’t is net aâr(l)eve sent, gezegd van een (echt)paar dat zeer ongelijk van lengte is. – Aâr(l)eve sent en ’n vuurstien hewwe, straatarm zijn.
Bron: Pannekeet, J. (1984), Westfries Woordenboek, Wormerveer
anderhalf , óngerhauf , óngerauf , anderhalf. Ongerhauf hauf ei en ’n hauf hauf ei, wieväöl eier zeen dat? (= een ei).
Bron: Schelberg, P.J.G. (1986), Woordenboek van het Sittards dialect, Amsterdam
anderhalf , aanderhalf , verbuigbaar telwoord , anderhalf Mit aanderhalf uur (Gie), Mit een uur anderhalf (ti), ...of anderhalf (Sle), Mit ’n anderhalf uur bin ik er (Twe), Ze waren met anderhalve man en een peerdekop (Nsch), Aintaands eggen is an mekaor langes, anderhaalftaand is haalf over het veurige hen en dubbeltaand is over mekaor hen en aaltied dezölfde kaant opdraaien (Eev)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
anderhalf , anderalf , aanderalf , (Kampen) anderhalf. Ook: aanderalf (Kampereiland, Kamperveen)
Bron: Fien, A., Ph.C.G.M. Bloemhoff-de Bruijn en J. Gunnink (2000), Woordenboek van de Kamper Taal, Kampen
anderhalf , anderhalleve , een en een halve , D’r wónt hier mér anderhalleve mèns é ne pàèrdekop. Er woont hier maar anderhalve mens en een paardenkop. Er woont hier bijna niemand.
Bron: Hendriks, W. (2005), Nittersels Wóórdenbuukske. Dialect van de Acht Zaligheden, Almere
anderhalf , oonderhaf , anderhalf , oonderhaf VB: Viéftien oons ês oonderhavve killo hèt mich juffroûw Lekroo altiéd gelierd.
Bron: Jaspars, G. en H. Fiévez (2006-2008), Woordenboek van het Gronsvelds, Gronsveld/Ryckholt
anderhalf , dordalf , anderhalf
Bron: Bergh, N. van den, e.a. (2007), Um nie te vergeete. Schaijks dialectboekje, Schaijk.
anderhalf , onderalf , anderhalf.
Bron: Luysterburg, J. e.a. (2007), Dialecten in het Zuidkwartier. Hoogerheide, Ossendrecht, Putte, Woensdrecht, Heemkundekring Het Zuidkwartier.
anderhalf , óngerhalf , anderhalf , Óngerhalve man en eine paerskop: heel weinig.
Bron: Tonnaer, M. en Har Sniekers (eindred.), (2012), Thoears Woeardebook, Thorn
anderhalf , óngerhalf , bijvoeglijk naamwoord , óngerhalve , anderhalf
Bron: Janssen, L. (2013), Limburgs Woordenboek Heels-Nederlands, Heel.
anderhalf , angerhâlf , óngerhâlf , telwoord , anderhalf
Bron: Feijen, Jan (2013), Zoeë Kalle Vae - Weertlands woordenboek, Weerd.
anderhalf , aanderhalf , telwoord , anderhalf; Henk van Rijen: aanderhalve meens èn ene pèèrdekòp - weinig publiek; Frans Verbunt: daor lópt vur aanderhalve cènt (ook wel m.b.t. plebs)
Bron: Sterenborg, W. en E. Schilders (2014), Woordenboek van de Tilburgse Taal (WTT), Tilburg: Stichting Cultureel Brabant


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal