elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: betrachten

betrachten , betrachten , bedenken, overdenken: hij mōs dat moar wat meer betrachten, bv. wat hij hem te danken heeft. Ook = beproeven, wederkeerend gebruikt: elk mout hōm (of: zōk) zulm (of: zulf) betrachten = elk moet zich zelf beproeven, ieder steke zijne hand in eigen boezem; ook: elk moet zich zelven kennen en zorgen dat hij zich fatsoenlijk gedraagt, elk moet in dezen voor zich zelven toezien. (Bilderd. betrachten = overdenken, bij Kil. = overdenken, bepeinzen; in deze beteekenis wordt het door velen als Germanisme verworpen.)
Bron: Molema, H. (1895), Woordenboek der Groningsche Volkstaal in de 19e eeuw (handschrift met aanvullingen op gedrukte editie uit 1887)
betrachten , betrachte , betrachde, haet betrach , zien, bekijken. Móste dich dat éns betrachte: moet je dat eens zien!
Bron: Schelberg, P.J.G. (1986), Woordenboek van het Sittards dialect, Amsterdam
betrachten , betrachte , werkwoord , betrachde, betrach , beschouwen , (mnl. betrachten: o.a beschouwen. VB: Dat môs te mich toch noé betrachte: stel je dat nu eens voor.; voorstellen betrachte (betrachde, betrach) (mnl. betrachten: o.a beschouwen. VB: Dat môs te mich toch noé betrachte: stel je dat nu eens voor.
Bron: Jaspars, G. en H. Fiévez (2006-2008), Woordenboek van het Gronsvelds, Gronsveld/Ryckholt
betrachten , betrachte , betrachtj, betrachdje, betrachtj , zien , Mós se dich det toch ins betrachte.
Bron: Tonnaer, M. en Har Sniekers (eindred.), (2012), Thoears Woeardebook, Thorn
betrachten , betrachte , betrachte, zich , werkwoord , betrachtj, betrachtjdje, betrachdj , in aanmerking nemen, zich realiseren: mós se dich betrachte! – realiseer je eens!
Bron: Janssen, L. (2013), Limburgs Woordenboek Heels-Nederlands, Heel.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal