elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: bewonderen

bewonderen , bewonderen , bezigt men hier veel onzijdig, bijv. Het bewonderde mij, dat enz. en wederkerig zich over iets bewonderen.
Bron: Panken, P.N. (1850) Kempensch taaleigen, Idioticon I, A-Z, Idioticon II, H-Z, red. Johan Biemans, 2010, Bergeijk.
bewonderen , bewónjere , bewónjerde, haet of is bewónjert , bewonderen.
Bron: Schelberg, P.J.G. (1986), Woordenboek van het Sittards dialect, Amsterdam
bewonderen , bewoondere , werkwoord , bewoonderde, bewoonderd , bewonderen , VB: Ich bewoonder dich dats te dich doûw neet giftig gemak hebs.
Bron: Jaspars, G. en H. Fiévez (2006-2008), Woordenboek van het Gronsvelds, Gronsveld/Ryckholt
bewonderen , bewónjere , bewónjertj, bewónjerdje, bewónjerdj , bewonderen
Bron: Tonnaer, M. en Har Sniekers (eindred.), (2012), Thoears Woeardebook, Thorn


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal