elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: blaadje

blaadje , bladje , blaadje. Onder ’t bladje verstaat men op het Hoogeland de Ommelander Courant, die tweemaal ’s weeks te Uithuizermeeden wordt uitgegeven; krieg ie ’t bladje of ’t bokkekrantje?
Bron: Molema, H. (1895), Woordenboek der Groningsche Volkstaal in de 19e eeuw (handschrift met aanvullingen op gedrukte editie uit 1887)
blaadje , bladtien , het , bladties , 1. blaadje 2. knappertje voor een klappertjespistool (Zuidwest-Drenthe, zuid) Bladties veur mien pistol (Zdw)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
blaadje , blaechie , zelfstandig naamwoord , blaechies , blaadje Een blaechie ken zôôwel een bôômblad as een blaechie pepier zijn Een blaadje kan zowel een boomblad als een blaadje papier zijn
Bron: Werkgroep Dialecten Hoeksche Waard (2006), Hoekschewaards woordenboek, Klaaswaal.
blaadje , blèdsje , zelfstandig naamwoord onzijdig , blèdsjes , - , sigarettenvloeitje , VB: Es te dich d'n blèdsjes op 't Belsj göls haaw dan rëkening demêt dats te ze neet kêns toûwlyme.
Bron: Jaspars, G. en H. Fiévez (2006-2008), Woordenboek van het Gronsvelds, Gronsveld/Ryckholt


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal