elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: boswachter

boswachter , boswaachter , zelfstandig naamwoord , de; boswachter
Bron: Bloemhoff, H., J. Withaar, A. Bloemhoff en T. Bontekoe (2005), Stellingwarfs-Nederlands Verklarend Handwoordenboek (SNVH), Berkoop/Oldeberkoop: Stichting Stellingwarver Schrieversronte.
boswachter , boswachter , zelfstandig naamwoord mannelijk , boswachters , - , boswachter , VB: Houtermans wäor vreuger de boswachter, dao haw v'r sjtraank vuur.
Bron: Jaspars, G. en H. Fiévez (2006-2008), Woordenboek van het Gronsvelds, Gronsveld/Ryckholt


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal