elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: brabander

brabander , broabander , en sort (iënvoudige) ploog.
Bron: Kuipers, Cor e.a. (1989), È maes inne taes. Plat Hôrster, Horst.
Brabander , Braobander , de , Braobanders , 1. Brabander 2. Zeeuwse den (Zuidwest-Drenthe) 3. plattebuiskachel 4. paard, zwaarder dan een Belg 5. gezegd van verschillende soorten mensen: persoon zonder regel (Veenkoloniën), zwaar gebouwd (Zuidwest-Drenthe, noord), onguur persoon (Kop van Drenthe), forse, sterke kerel (Zuidoost-Drents zandgebied), eigenaardige kerel (Zuidoost-Drents zandgebied), opschepper (Midden-Drenthe), inwoner van Wijster (Man) 6. aardappelsoort (Midden-Drenthe) 7. zwiepend stokje (Zuidoost-Drents zandgebied, Zuidwest-Drenthe, noord) Iene klappen geven met de braobander (Bui)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
Brabander , Braobaander , Brabander , zelfstandig naamwoord , de 1. Brabander, iemand uit Brabant 2. bep. distel
Bron: Bloemhoff, H., J. Withaar, A. Bloemhoff en T. Bontekoe (2005), Stellingwarfs-Nederlands Verklarend Handwoordenboek (SNVH), Berkoop/Oldeberkoop: Stichting Stellingwarver Schrieversronte.
Brabander , Braeber , zelfstandig naamwoord , Braebers , Braebertie , Brabander Braeber was faaiteluk een scheldwoord; ze wiere voor vanalles uichemaokt: ont, lui, rôôms, links en nog veul meer lilleks Brabander was eigenlijk een scheldwoord; ze werden overal voor uitgescholden: vies, lui, katholiek, links en nog veel meer negatiefs Zie ook oliekont
Bron: Werkgroep Dialecten Hoeksche Waard (2006), Hoekschewaards woordenboek, Klaaswaal.
brabander , braobender , zelfstandig naamwoord mannelijk , braobenders , - , Brabander , (de e in de tweede lettergreep is beklemtoond) VB: 'nne braobender en 'nne Limburger hebbe oongevèr de zelfden äord.
Bron: Jaspars, G. en H. Fiévez (2006-2008), Woordenboek van het Gronsvelds, Gronsveld/Ryckholt
Brabander , [brabander] , Braobenjer , (mannelijk) , Brabander
Bron: Tonnaer, M. en Har Sniekers (eindred.), (2012), Thoears Woeardebook, Thorn
Brabander , Braobenjer , zelfstandig naamwoord , Braobenjers , Braobenjerke , Brabander
Bron: Janssen, L. (2013), Limburgs Woordenboek Heels-Nederlands, Heel.
brabander , braobenjer , zelfstandig naamwoord , braobenjers , braobenjerke , houten ploeg met ijzeren scharen
Bron: Janssen, L. (2013), Limburgs Woordenboek Heels-Nederlands, Heel.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal