elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: contact

contact , ketákt , zelfstandig naamwoord ’t , Variant van kontakt.
Bron: Pannekeet, J. (1984), Westfries Woordenboek, Wormerveer
contact , kóntak , onzijdig , kontakte , contact.
Bron: Schelberg, P.J.G. (1986), Woordenboek van het Sittards dialect, Amsterdam
contact , kontakt , zelfstandig naamwoord , et; contact
Bron: Bloemhoff, H., J. Withaar, A. Bloemhoff en T. Bontekoe (2005), Stellingwarfs-Nederlands Verklarend Handwoordenboek (SNVH), Berkoop/Oldeberkoop: Stichting Stellingwarver Schrieversronte.
contact , kontak , zelfstandig naamwoord onzijdig , kontakte , - , contact , VB: Ich nëm nog waol kontak mêt dich op, muerge of uüvermuerge.
Bron: Jaspars, G. en H. Fiévez (2006-2008), Woordenboek van het Gronsvelds, Gronsveld/Ryckholt


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal