elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: coulissen

coulissen , keliezen , zelfstandig naamwoord , mv. 1. coulissen 2. bij vergelijking: de bedsteedeuren, in aachter de keliezen naar bed
Bron: Bloemhoff, H., J. Withaar, A. Bloemhoff en T. Bontekoe (2005), Stellingwarfs-Nederlands Verklarend Handwoordenboek (SNVH), Berkoop/Oldeberkoop: Stichting Stellingwarver Schrieversronte.
coulissen , koelieze , werkwoord , coulissen , VB: Aon 't rammele van de koelieze kôs te al zién dat 'nne sjpëuler op môs koëme.
Bron: Jaspars, G. en H. Fiévez (2006-2008), Woordenboek van het Gronsvelds, Gronsveld/Ryckholt


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal