elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: drukkend

drukkend , drökkent , drukkend (warm of heet).
Bron: Schelberg, P.J.G. (1986), Woordenboek van het Sittards dialect, Amsterdam
drukkend , drukkend , drukkerig , Ook drukkerig (Zuidwest-Drenthe, zuid). Verdere var. als bij drukken = drukkend Het is barre drokkend vandage, der kun wel onweer komen (Hgv), Het is drokkend waarm (Wsv)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
drukkend , drokkend , bijvoeglijk naamwoord , drukkend: zwoel
Bron: Bloemhoff, H., J. Withaar, A. Bloemhoff en T. Bontekoe (2005), Stellingwarfs-Nederlands Verklarend Handwoordenboek (SNVH), Berkoop/Oldeberkoop: Stichting Stellingwarver Schrieversronte.
drukkend , drökkend , bijvoeglijk naamwoord , drukkend , drökkend; loom drökkend
Bron: Jaspars, G. en H. Fiévez (2006-2008), Woordenboek van het Gronsvelds, Gronsveld/Ryckholt
drukkend , [drukkend] , drökkendj , drukkend, benauwd , ’t Is drökkendj vandaag.
Bron: Tonnaer, M. en Har Sniekers (eindred.), (2012), Thoears Woeardebook, Thorn


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal