elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: geldwolf

geldwolf , geljtwouf , mannelijk , geljtwuif , vrek.
Bron: Schelberg, P.J.G. (1986), Woordenboek van het Sittards dialect, Amsterdam
geldwolf , geldwolf , de , geldwolf Een potter is een geldwolf (Wsv)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
geldwolf , géldwoüf , zelfstandig naamwoord mannelijk , géldwûif , - , geldwolf , Zw: 't Ês 'nnen ieste géldwoüf: een vrekkig mens.
Bron: Jaspars, G. en H. Fiévez (2006-2008), Woordenboek van het Gronsvelds, Gronsveld/Ryckholt


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal