elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: glinsteren

glinsteren , gleansteren , zwak werkwoord , glinsteren
Bron: Jonker, L. & H.G. van Grol (z.j., ca 1940), Woordenboek dialect van Vriezenveen
glinsteren , glinstere , glinsterde, haet geglinstert , glinsteren.
Bron: Schelberg, P.J.G. (1986), Woordenboek van het Sittards dialect, Amsterdam
glinsteren , glienstern , glinstern, gleinstern, gleenstern , (Zuidoost-Drents zandgebied, Zuidwest-Drenthe). Ook glinstern (Zuidoost-Drenthe, Noord-Drenthe), gleinstern (Zuidwest-Drenthe, zuid), gleenstern (Midden-Drenthe, Zuidwest-Drenthe) = glinsteren Wat glienstert daor op straot? Is dat een stuk glas? (Sle), De zunne glinstert in de daauw (Bov), Het keuper gleinstert in de zunne (Hgv), Het kan wel ies een kolde nacht wurden, de steerns staot te gleenstern an de lucht (Ruw), De ondeugde die gliensterde hum oet de ogen (Bor), Het glinsterde as een keutel in de maoneschien (Row)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
glinsteren , gleensteren , glinsteren , werkwoord , glinsteren
Bron: Bloemhoff, H., J. Withaar, A. Bloemhoff en T. Bontekoe (2005), Stellingwarfs-Nederlands Verklarend Handwoordenboek (SNVH), Berkoop/Oldeberkoop: Stichting Stellingwarver Schrieversronte.
glinsteren , gleenstere , werkwoord , gleensterde, gegleensterd , glinsteren , VB: Miljoene sjterre gleensterden aon d'n hiémel.
Bron: Jaspars, G. en H. Fiévez (2006-2008), Woordenboek van het Gronsvelds, Gronsveld/Ryckholt
glinsteren , glistere , werkwoord , (Nederweerts, Ospels) glinsteren
Bron: Feijen, Jan (2013), Zoeë Kalle Vae - Weertlands woordenboek, Weerd.
glinsteren , glienstere , zwak werkwoord , glienstere - gliensterde - gegliensterd , glinsteren
Bron: Sterenborg, W. en E. Schilders (2014), Woordenboek van de Tilburgse Taal (WTT), Tilburg: Stichting Cultureel Brabant


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal