elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: god

god , gòd , God.
Bron: Gallée, J.H. (1895). Woordenboek van het Geldersch-Overijselsch Dialect. Deventer: H.P. Ter Braak
god , goden , in: moak dat de goden wies! = maak dat een ander wijs, dat zal immers niemand gelooven.
Bron: Molema, H. (1895), Woordenboek der Groningsche Volkstaal in de 19e eeuw (handschrift met aanvullingen op gedrukte editie uit 1887)
God , God , god joa! = o ja! zoo: god nee! = o neen!
God en eeren, voor: (in) eere, (met) eerbaarheid; mit God en eeren bin ’k zoo wied komen. “Van al de dartien kinder, dei ’k mit God en eeren ter wereld brocht heb”, enz. Synoniem met: in alle eer en deugd.
god en eerêlk, in de verzekering: ’t is god en eerêlk woar; ik verzeker joe god en eerêlk, dat, enz. = gij kunt er vast op aan, ik zweer het u dat het waar is.
god in de wereld, voor: ter wereld; ik ken mie godsterwereld nijt begriepen hou dat wicht dei jōng hebben wil; begriepen dou ’k mie ’t nijt, ’k wijt godsterwereld nijt hou ze d’r bie komen! is god in de wereld gijn stee woar ’t minder te wonen is. (v. Dale: Men hoort de gewestelijke bijwoordelijke uitdrukking: hoe is het Gods ter wereld mogelijk! voor: hoe is het ter wereld Gods mogelijk! versterking van: hoe is het ter wereld –, op de wereld mogelijk!) Vgl. gods.
Bron: Molema, H. (1895), Woordenboek der Groningsche Volkstaal in de 19e eeuw (handschrift met aanvullingen op gedrukte editie uit 1887)
God , God , (zelfstandig naamwoord mannelijk) , vgl. op vloeken.
Bron: Boekenoogen, G.J. (1897), De Zaanse Volkstaal. Deel II: Zaans Idioticon - Aanvullingen. Zaandijk (herdruk 1971)
God , God , zelfstandig naamwoord , in de zegswijze God nach goed mens, geen sterveling. | Je zagge deer God nach goed mens. Opmerking: Het element ’god’ wordt in allerlei vloeken en krachttermen gebezigd, bv. godvergeme, wat ’n godvergemese troep, godverdubbe, goddôsie, godverdee enz.
Bron: Pannekeet, J. (1984), Westfries Woordenboek, Wormerveer
God , Got , mannelijk , God. Noe sjleit Got der duuvel doot en zeet de hël mit ruibe: uitroep van verbazing. Got help uch: ik kan U niet helpen.
Bron: Schelberg, P.J.G. (1986), Woordenboek van het Sittards dialect, Amsterdam
God , God , zelfstandig naamwoord , god. 1. Zèdde naaw himmel van God verlaote? Ben je nou helemaal bedonderd? 2. Godvergrammer; vloekbeest.
Bron: Naaijkens, J. (1992), Dè’s Biks – Verklarende Dialectwoordenlijst, Hilvarenbeek
God , God , de , Goden , Ook met kleine letter = 1. God, ook veelvuldig in uitdrukkingen, uitroepen en vloeken God is overal (Die), Gezegdes en oetdrukkings met de naam God gebruke wij niet in oze umgangstaol; daorveur is oos Gods naam te heilig (Bei), God zal je kraken bastaardvloek (Wsv), Het zal je God gedacht wezen, wat hij steulen hef je hebt geen idee (Wes), God zij dank, het is niet zo (Gie), God nog an toe wat is het toch wat (Coe), Dat magst God op blote kneien danken, dat het zo oflopen is (Ros), God, kind, waor hej toch zeten (Eri), God, help mie (Ros), Mien God, wat löp dat volk ja (Sle), O God, help mij nog an toe gezegd wanneer men in de problemen zit (Sle), In Gods naom dan maor (Eco), God zal me bewaren sta me bij (Emm), O here mien God nog an toe (Pdh), Grote en God en nog wat! (Eex), Here God, wat een booudel (Gas), God allemachtig nog an toe (Pdh), Wat is dat een Gods koeze kaffer (Bco), God mag het weeiten ik zou het absoluut niet weten (Nor), Hij leeft as God in Frankriek (Oos), ...is vrij as God in Frankriek (Hol), Hie lat Gods water over Gods akker lopen (Sle), Het is daor God zij met ons ze trekken zich nergens iets van aan (Dwi), Het is de goden verzuken op die manier roep je onheil over je af (Pdh), God zegene de greep (Bov), De kinder met God en eren grootbrengen goed opvoeden (Sle), Hij is van God en aal mensen verlaoten (Dro), ...deur God en iederiene vergèten hij is moederziel alleen (Hol), Hij dut op gien god en gebod wat is goddeloos (Klv), ... leuft an gien God of gebod (Row), ...steurt zuk an God noch gebod (Eex), ...kent God noch gebod trekt zich nergens iets van aan (Dwi), Hij deinkt dat hij een klein godtien is (Mep) *Elk zörgt veur zukzölf en God veur oes ale (Bov): De mens wikt en God beschikt (Noo); God bewaore mie en ons Appie ieder zorge voor het zijne, de rest moet maar zien (Vtm); God zegent goeien en kwaoien (Een); Aj God vervluukt en de duvel oe niet hebben wil, waor muj dan naor toe? (Uff)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
god , god , zelfstandig naamwoord mannelijk , - , - , god , god; joost (dat mag joost weten) dat maog god wèite; oogappel (iemands oogappel zijn) 'nne z'nne god zién VB: Dèn awste, dat ês z'nne God, zek dao gèi verkierd woerd van; god leven tiéd, god man lief uitroep (uitroep van verbazing); god leven tiéd; god man lief
Bron: Jaspars, G. en H. Fiévez (2006-2008), Woordenboek van het Gronsvelds, Gronsveld/Ryckholt
God , God , God , God zal me liefhebbe = uitdrukking van opperste verbazing, gebruikt bij gebeurtenissen of berichten die niet prettig waren; mar munnen hemel = deze uitdrukking is iets sterker in het uitdrukken van verwondering; och God toch = hele zachte uitdrukking om verbazing kenbaar te maken, bijv. bij een onverwachte ontmoeting
Bron: Melis, A. van (2011) Bikse Praot. Prinsenbeeks Dialectwoordenboek. Prinsenbeek: Heemkundekring ‘Op de Beek’
God , Gòd , zelfstandig naamwoord , God; Mandos - Brabantse spreekwoorden (2003) - hij stikt Gòd de ôogen èùt (Pierre van Beek – TT’69) - gelegd van iemand die ondanks dat hij het goed heeft, altijd klaagt; Mandos - Brabantse spreekwoorden (2003) - nie van en 'Gòd zeegent oe' bevrijd zèèn (JM'50; - een knappe dochter nog niet uitgehuwelijkt hebben; Mandos - Brabantse spreekwoorden (2003) - zèède van Gòd verlaoten òf hèdde gin knêûpen òn oew ónderbroek? ('72) - ben je nou helemaal gek; reactie op onmogelijk verzoek
Bron: Sterenborg, W. en E. Schilders (2014), Woordenboek van de Tilburgse Taal (WTT), Tilburg: Stichting Cultureel Brabant


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal