elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: kappertje

kappertje , kaeperke , onzijdig , kaeperkes , oost-indische kers, Tropaeolum majus.
Bron: Schelberg, P.J.G. (1986), Woordenboek van het Sittards dialect, Amsterdam
kappertje , kapperke , zelfstandig naamwoord , bierglaasje. Een klein glaasje met voet waaruit de vrouwen tijdens de kermis bier met suiker dronken. Het woord is prakties geheel verdwenen, evenals het glas zelf.
Bron: Naaijkens, J. (1992), Dè’s Biks – Verklarende Dialectwoordenlijst, Hilvarenbeek
kappertje , kepperke , zelfstandig naamwoord onzijdig , kepperkes , - , Oost-Indische kers , VB: E kepperke ês 'n èi-jeurige plaant
Bron: Jaspars, G. en H. Fiévez (2006-2008), Woordenboek van het Gronsvelds, Gronsveld/Ryckholt
kappertje , kappertje , kappertjes , (verkleinwoord) glaasje op voet
Bron: Feijen, Jan (2013), Zoeë Kalle Vae - Weertlands woordenboek, Weerd.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal