elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: klommelarij

klommelarij , klómmelerie , vrouwelijk , klómmelerieë , prulleboel.
Bron: Schelberg, P.J.G. (1986), Woordenboek van het Sittards dialect, Amsterdam
klommelarij , klômmelery , zelfstandig naamwoord vrouwelijk , klômmeleryje , - , prullaria
Bron: Jaspars, G. en H. Fiévez (2006-2008), Woordenboek van het Gronsvelds, Gronsveld/Ryckholt
klommelarij , [prutswerk] , klómmelerie , (vrouwelijk) , prutswerk , Hoeal dich gein klómmelerie oppen hals: haal je geen narigheid op de hals.
Bron: Tonnaer, M. en Har Sniekers (eindred.), (2012), Thoears Woeardebook, Thorn


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal