elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: hangkaas

hangkaas , hangkiës , hangop, hangebast (koud melkgerecht van karnemelk die men – in een zak of doek opgehangen – heeft laten uitdruipen en vervolgens met zoete melk en suiker aangemengd) ook fluitekiës, fluiterd
Bron: Janssen, L. (2013), Limburgs Woordenboek Heels-Nederlands, Heel.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal