elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: jennen

jennen , jenne , werkwoord , 1. Opscheppen. 2. Uitdagen, provoceren.
Bron: Pannekeet, J. (1984), Westfries Woordenboek, Wormerveer
jennen , jen , flauwe kul: gekke jen make – flauwe kul trappen ook joeks
Bron: Janssen, L. (2013), Limburgs Woordenboek Heels-Nederlands, Heel.
jennen , jense , werkwoord , jensjtj, jensjdje, gejensjdj , 1. opjutten 2. plagen (Nederlands: ‘jennen’) ook jage (2), opjense, opnejje, opzwense
Bron: Janssen, L. (2013), Limburgs Woordenboek Heels-Nederlands, Heel.
jennen , jenne , werkwoord , plagen
Bron: Feijen, Jan (2013), Zoeë Kalle Vae - Weertlands woordenboek, Weerd.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal