elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: kluifje

kluifje  , kluifke , kluifje. Ein kluifke nao zien hand, juist naar zijn smaak.
Bron: Daelen-Meuter, Jos. van (ca. 1937), Venloos waordebook, ongepubliceerd typoscript, Venlo.
kluifje , kluifke , zelfstandig naamwoord , kluifkes , wasknijper
Bron: Janssen, L. (2013), Limburgs Woordenboek Heels-Nederlands, Heel.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal