elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: kluiven

kluiven , knûven , klûven , (zwak werkwoord) , kluiven; afknûven, afkluiven.
Bron: Gallée, J.H. (1895). Woordenboek van het Geldersch-Overijselsch Dialect. Deventer: H.P. Ter Braak
kluiven , knoeven , van een vogel = hem vleugellam maken. Spreekwoord: ʼn Knoefde hen kikt (of: zicht) ook nog wel ais noa boom (naar boven) = ieders verlangen strekt zich uit naar het onbereikbare, en synoniem met het spreekwoord onder art. gruin. Daar de kippen ʼs nachts liefst op hooge plaatsen slapen, moet zulk een dier zich dat genot ontzeggen; toch kijkt het wel daarhenen. Vgl: ons knōffel, ʼt Oostfriesche knuffel, en ʼt Hoogduitsche Knuff. ʼt Woord zou ook samenhangen met: noppen, in den zin van plukken, van veeren berooven. Zie ten Doornkaat art. gnubben.
Bron: Molema, H. (1895), Woordenboek der Groningsche Volkstaal in de 19e eeuw (handschrift met aanvullingen op gedrukte editie uit 1887)
kluiven , knûven , Kluiven. W(i)ee wil van middag ʼn bütjen knûven? Ook: handen, vingers: Ak u in de knûven krîge! Zie: fikken, klauwen, klavieren.
Bron: Draaijer, W. (1896). Woordenboekje van het Deventersch Dialect. ’s-Gravenhage: Martinus Nijhoff
kluiven , knûven , Kluiven. W(i)ee wil van middag ’n bütjen knûven? Ook: handen, vingers: Ak u in de knûven krîge! Zie: fikken, klauwen, klavîren.
Bron: Draaijer, W. (2e druk 1936), Woordenboekje van het Deventersch Dialect, Deventer: Kluwer.
kluiven , kluive , werkwoord , in de zegswijze ientje kluive, iemand overvragen, afzetten, van iemand profiteren.
Bron: Pannekeet, J. (1984), Westfries Woordenboek, Wormerveer
kluiven , knoeven , zie: knoemen.
Bron: Bos-Vlaskamp, G. e.a. (1994), Olster woorden, Olst.
kluiven , knoemen , afkluiven van een bot.
Bron: Bos-Vlaskamp, G. e.a. (1994), Olster woorden, Olst.
kluiven , knoem , knoem, eknoefd , afkluiven van een bot.
Bron: Werkgroep Dialekt van het Cultuur Historisch Genootschap Raalte (1995), Nieuw Sallands Woordenboek, Raalte
kluiven , kluven , kloeven, kleuven, kloven , zwak werkwoord, overgankelijk , (Zuid-Drenthe, Midden-Drenthe). Ook kloeven (Noord-Drenthe, Zuidoost-Drenthe), kleuven (Zuidwest-Drenthe, zuid), kloven (Midden-Drenthe) = kluiven Geef hom dai bonke mor want dai mag graag even kloeven (Vtm), Ik mag graag op een bottien kleuven (Ruw)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
kluiven , klôêven , klöf / klôêft, klôêven / kleuf, kleuven, eklôêfd / , kluiven
Bron: Fien, A., Ph.C.G.M. Bloemhoff-de Bruijn en J. Gunnink (2000), Woordenboek van de Kamper Taal, Kampen
kluiven , kloevm , kluiven. Ik heb ekloef. Die hond mut de bottn mâr kloevm.
Bron: Dialectwârkgroep Heerde/Waopmvelde (2004), Nieje Heerder Woordnboek, Heerde.
kluiven , knoevm , 1. kluiven. 2. zwaar werk doen. Daor is heel wat an te knoevm, ’t is ’n zwaor karwei.
Bron: Dialectwârkgroep Heerde/Waopmvelde (2004), Nieje Heerder Woordnboek, Heerde.
kluiven , kluven , kluuiven, kloeven, kluiven , werkwoord , kluivend eten
Bron: Bloemhoff, H., J. Withaar, A. Bloemhoff en T. Bontekoe (2005), Stellingwarfs-Nederlands Verklarend Handwoordenboek (SNVH), Berkoop/Oldeberkoop: Stichting Stellingwarver Schrieversronte.
kluiven , kloeven , (werkwoord) , kloeven, ekloefd , kluiven.
Bron: Kraijer, M., H. Mulder, D. Visscher en Ph. Bloemhoff (2009), Op zien Zwols: Woordenboek van de Zwolse Taal, Kampen: IJsselacademie
kluiven , kloeven , kluiven; kloever, mond (misprijzend bedoeld).
Bron: Scholtmeijer, H. (2011), Veluws handwoordenboek, Almere.
kluiven , knuven , ofknuven , kluiven, het vlees met je tanden van het bot halen; knufien, botje.
Bron: Scholtmeijer, H. (2011), Veluws handwoordenboek, Almere.
kluiven , kluve , werkwoord , kluuftj, kluufdje, gekluufdj/gekloeëve , kluiven
Bron: Janssen, L. (2013), Limburgs Woordenboek Heels-Nederlands, Heel.
kluiven , kluive , klöfde – geklöf , kluiven
Bron: Arts, Jan (2015), Brónsgreun Bukske, Editie Veldes dialek, Velden.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal