elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: koffietuit

koffietuit , koffietute , zelfstandig naamwoord , de; tuit van een koffiekan
Bron: Bloemhoff, H., J. Withaar, A. Bloemhoff en T. Bontekoe (2005), Stellingwarfs-Nederlands Verklarend Handwoordenboek (SNVH), Berkoop/Oldeberkoop: Stichting Stellingwarver Schrieversronte.
koffietuit , kóffietuît , kóffietuit , zelfstandig naamwoord , kóffietuite , kóffietuitje , 1. koffiepot 2. kannetje om koffie mee (naar het veld) te nemen
Bron: Janssen, L. (2013), Limburgs Woordenboek Heels-Nederlands, Heel.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal