elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: kolig

kolig , koeluig , zelfstandig naamwoord , koeluigskes , 1. zwart omrande ogen, waaraan je kon zien dat de desbetreffende man mijnwerker was 2. te zwaar opgemaakte ogen
Bron: Janssen, L. (2013), Limburgs Woordenboek Heels-Nederlands, Heel.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal