elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: ondeugen

ondeugen , óndauge , werkwoord , óndaûgtj/óndaugtj, óndóg, óndógdj , niet deugen; hae duit van alles waat neet óndaûg(tj) – hij haalt van alles uit wat niet deugt. (Het gebruik van het woord neet in combinatie met het voorvoegsel on is eigenlijk niet juist, omdat het een dubbele ontkenning is; waarschijnlijk is de uitdrukking oorspronkelijk geweest: waat neet en daûg)
Bron: Janssen, L. (2013), Limburgs Woordenboek Heels-Nederlands, Heel.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal