elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: overluiden

overluiden , overluiden , Ten plattelande van Overijssel overluidt men de dooden, dat is, men trekt één of meêr dagen een bepaalden tijd de dorpsklok aan geduurende dat een lijk boven aarde staat.
Bron: Dumbar, G., H. Scholten en J.A. de Vos van Steenwijk Vollenhove (1952), Het Dumbar Handschrift – Idioticon van het Overijsels in het einde der achttiende eeuw, uitgegeven door H.L. Bezoen, Deventer
overluiden , euverloeë , klemtoon op –loeë , euverloede, euverloet , luiden der klokken bij een begrafenis (voorheen): drie maal voor de mannen met de grote klok en eenmaal voor de vrouwen en kinderen met de kleine klok.
Bron: Schelberg, P.J.G. (1986), Woordenboek van het Sittards dialect, Amsterdam
overluiden , ovverlúje , klokgelúj as iemes is gestoarve.
Bron: Kuipers, Cor e.a. (1993), Zò bót ás en hiëp. Plat Hôrster, Horst.
overluiden , oaverluun , luiden van de kerkklok na het overlijden van een parochiaan.
Bron: Bos-Vlaskamp, G. e.a. (1994), Olster woorden, Olst.
overluiden , overluie , werkwoord , overlui, overluide, overluie , luiden van de klok om een sterfgeval bekend te maken Zie ook begraefenisklok
Bron: Werkgroep Dialecten Hoeksche Waard (2006), Hoekschewaards woordenboek, Klaaswaal.
overluiden , overluden , overlujen , het luiden van de klok tussen overlijden en begrafenis.
Bron: Scholtmeijer, H. (2011), Veluws handwoordenboek, Almere.
overluiden , ooverlèùje , werkwoord , de doodsklok luiden (Land van Cuijk)
Bron: Swanenberg, A.P.C. (2011), Brabants-Nederlands: Nederlands-Brabants: Handwoordenboek, Someren
overluiden , uëverloeje , werkwoord , uëverloetj, uëverloedje, uëverloedj , emes uëverloeje – door klokgelui om elf uur in de ochtend het overlijden van een Heelse dorpsgenoot bekend maken. Hierbij wordt gebruik gemaakt van twee klokken. Als het klokgelui begint en eindigt met de grotere klok, betreft het een overleden man; begint en eindigt het gelui met de kleinere klok, dan is de overledene een vrouw
Bron: Janssen, L. (2013), Limburgs Woordenboek Heels-Nederlands, Heel.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal