elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: preken

preken , prèken , (zwak werkwoord) , prediken.
Bron: Gallée, J.H. (1895). Woordenboek van het Geldersch-Overijselsch Dialect. Deventer: H.P. Ter Braak
preken , prääken , zwak werkwoord , preken
Bron: Jonker, L. & H.G. van Grol (z.j., ca 1940), Woordenboek dialect van Vriezenveen
preken , preke , preken (steeds aan het woord zijn.)
Bron: Kerkhoff, Chris (1970 ev), Dialectwoordenlijst van het Land van Cuijk, Cuijk
preken , preken , prèken , zwak werkwoord, onovergankelijk , Ook prèken (Zuidwest-Drenthe, zuid, Zuidoost-Drents veengebied) = 1. preken Het was een wonderlieke domdee, man hij kun wol goud preken (Ros), Hij preekt hum van de stool of en geet er zölf op zitten of Hij kan de vis uut het water preken hij kan geweldig praten (Pes) 2. zwetsen Dende hef op die verjaordag de hiele aovend zitten te preken (Sle)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
preken , preken , werkwoord , preken
Bron: Fien, A., Ph.C.G.M. Bloemhoff-de Bruijn en J. Gunnink (2000), Woordenboek van de Kamper Taal, Kampen
preken , prèèkn , preken (werkw.).
Bron: Dialectwârkgroep Heerde/Waopmvelde (2004), Nieje Heerder Woordnboek, Heerde.
preken , prikt , preekt, gepraat , Bè óns prikt de paoter bèèter és de pestóór én dan val'de ók nie zó gaauw in slaop. Bij ons preekt de pater beter dan de pastoor en dan val je ook niet zo vlug in slaap.
Voltooid deelwoord geprikt. D'r moet bè die slaojdóós nogal wa geprikt worre vur bè héúr de frang vèlt. Er moet bij die slome vrouw nogal wat gepraat worden voor ze het snapt.
Bron: Hendriks, W. (2005), Nittersels Wóórdenbuukske. Dialect van de Acht Zaligheden, Almere
preken , prèke , werkwoord , prèkde, geprèk, prèkenterre , preken , VB: Es de paoters de missie begôste te prèke daan wäore de lûi allemaol duvele en de lêsten däog allemaol hêllige.
Bron: Jaspars, G. en H. Fiévez (2006-2008), Woordenboek van het Gronsvelds, Gronsveld/Ryckholt
preken , prèken , (werkwoord) , prèken, eprèèkt , preken.
Bron: Kraijer, M., H. Mulder, D. Visscher en Ph. Bloemhoff (2009), Op zien Zwols: Woordenboek van de Zwolse Taal, Kampen: IJsselacademie
preken , preeke , prikt geprikt , preken , De pestoor prikt. De pastoor preekt.
Bron: Laat, G. de (2011), Zoo prôte wèij in Nuejne mi mekaâr, Nuenen
preken , praeke , praektj, praekdje, gepraektj , preken
Bron: Tonnaer, M. en Har Sniekers (eindred.), (2012), Thoears Woeardebook, Thorn
preken , praeke , werkwoord , praektj, praekdje, gepraekdj , preken
Bron: Janssen, L. (2013), Limburgs Woordenboek Heels-Nederlands, Heel.
preken , preeke , zwak werkwoord , "preken; B preeke - prikte - geprikt; ook vocaalkrimping in tegenwoordige tijd: gij/hij prikt ; d-syncope; J.H. Hoeufft, Proeve van Bredaasch Taal-eigen (1836) - PRIKT voor 'preekt'. Het is, door de hier nog veel gewone verandering der e en i, het oude 'prekt'. Z.a. 1. een predikatie houden, vanaf de preekstoel spreken; N. Daamen (handschrift 1916) – ""geprikt - gepredikt - hij hee geprikt""; Hij prikte zô schôon en hij mokte héél veul meensen beter, die ziek waren of lam, of blind. (Lodewijk van den Bredevoort – ps. v. Jo van Tilborg, Kosset den brèùne eigeluk wel trekken? Dl. 1, Tilburg 2006); 2. andere betekenissen; WBD III.4.1:49 'preken' - zingen (van vogels), ook fluiten, slaan, slagen; WBD III.4.1:166 'preken' - geschreeuw v. leeuweriken, ook 'jubelen' genoemd; Cornelissen & Vervliet, Idioticon van het Antwerpsch dialect; 1899 - PREÊKEN (zachte e) - prediken, wordt ook gezegd v.e. zacht, onbeweeglijk schijnende, draaiende draaitol; eveneens v.h. ronken v.e. meikever.; prikt(e); 2e + 3e pers.enk. van 'preeke', met vocaalkrimping - preekt(e); - tegenwoordige tijd resp.verleden tijd; Hft. PRIKT voor 'preekt'. Het is, door de hier nog veel gewone verandering der e en i, het oude 'prekt'. Z.a. N. Daamen (handschrift 1916) – ""de pastoor prikt goed""; Cees Robben – Denkte gij na mar nao vur degge prikt... (19830211)"
Bron: Sterenborg, W. en E. Schilders (2014), Woordenboek van de Tilburgse Taal (WTT), Tilburg: Stichting Cultureel Brabant
preken , praeke , praekde – gepraek , preken
Bron: Arts, Jan (2015), Brónsgreun Bukske, Editie Veldes dialek, Velden.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal