elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: Stefanus

Stefanus , Steffen , Steven, in: Steffen oet tun joagen, bij v. Dale: de kat kluppelen, een vroeger vrij algemeen volksvermaak op den tweeden Kerstdag; aldus omdat die dag aan den Heiligen Stephanus is gewijd. Eene kat wordt in een vat opgesloten dat aan een toestel van drie juffers wordt opgehangen. De deelnemers werpen met korte knuppels zoo lang naar dit voorwerp tot er eene bres ontstaat waardoor het dier kan ontsnappen. Hij die den bodem ingooit krijgt den prijs en die het dier vangt de premie. Omdat men tot dit doel liefst een dikken kater neemt heet dit barbaarsch feest, nu gelukkig tot de zeldzaamheden behoorende, ook: koater oet tun joagen, en: katoetvatgooien. Hiervan de zelfstandige naamwoorden: katoettvatgooierei, en: koateroettvatgooierei. Steffen hol’n = dien dag aldus vieren.
Bron: Molema, H. (1895), Woordenboek der Groningsche Volkstaal in de 19e eeuw (handschrift met aanvullingen op gedrukte editie uit 1887)
Stefanus , stevven , Tweede Kerstdag, stevven is een omvorming van: Stephanus, een martelaar. Hand. 7: 58
Bron: Steenhuis, F.H. (1978), Stoere en Olderwetse Grunneger Woorden, Wildervank: Dekker & Huisman
Stefanus , Stif , Stifke, Stiffelke , Stefanus
Bron: Janssen, L. (2013), Limburgs Woordenboek Heels-Nederlands, Heel.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal