elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: suikerpapier

suikerpapier , sôkkerpepier , zelfstandig naamwoord onzijdig , - , - , suikerpapier , (bep. snoepgoed) sôkkerpepier VB: Bié Trieneke gol v'r ôs e vél sôkkerpepier, dat kosde doûw (roond 1948) èine sént per vél.
Bron: Jaspars, G. en H. Fiévez (2006-2008), Woordenboek van het Gronsvelds, Gronsveld/Ryckholt
suikerpapier , [snoepgoed] , sókkerpepeer , (onzijdig) , suikerpapier (soort snoepgoed)
Bron: Tonnaer, M. en Har Sniekers (eindred.), (2012), Thoears Woeardebook, Thorn
suikerpapier , sókkerpepeêr , roze, ouwelachtig eetbaar ‘papier’
Bron: Janssen, L. (2013), Limburgs Woordenboek Heels-Nederlands, Heel.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal