elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: hagelkruis

hagelkruis , haagelkruuts , onzijdig , haagelkruutser , haagelkrutske , hagelkruis.
Bron: Schelberg, P.J.G. (1986), Woordenboek van het Sittards dialect, Amsterdam
hagelkruis , haagelkrusj , in het veld geplaatst kruis ter bescherming van de oogst tegen hagelschade.
Bron: Crompvoets, H. en J. van Schijndel (1991), Mééls Woordeboe:k. Meijel: Medelo.
hagelkruis , hagelkruûs , zelfstandig naamwoord, onzijdig , hagelkruûse , hagelkruis
Bron: Feijen, Jan (2013), Zoeë Kalle Vae - Weertlands woordenboek, Weerd.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal