elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: idioot

idioot , idioot , bijvoeglijk naamwoord, bijwoord , erg gek, raar Doe toch niet zo idioot, wat scheelt joe (Klv)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
idioot , idioot , de , idioten , idioot Die lacht as een idioot (Schn), (...) die zieke mannen behandelden as onschuldige idioten (kv), Och idioot, hoe komst der bie (Erf)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
idioot , idioeët , zelfstandig naamwoord, mannelijk , idioeëte , idiuuëtje , idioot
Bron: Feijen, Jan (2013), Zoeë Kalle Vae - Weertlands woordenboek, Weerd.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal