elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: netengat

netengat , [humeurig persoon] , netegaat , (onzijdig) , iemand die niet veel kan verdragen, zie ook netekop
Bron: Tonnaer, M. en Har Sniekers (eindred.), (2012), Thoears Woeardebook, Thorn
netengat , netegaât , netegaat , zelfstandig naamwoord , netegate , netegaetje , driftkikker
Bron: Janssen, L. (2013), Limburgs Woordenboek Heels-Nederlands, Heel.
netengat , netegaat , zelfstandig naamwoord, onzijdig , netegater , persoon, lastig , persoon, snel geprikkeld
Bron: Feijen, Jan (2013), Zoeë Kalle Vae - Weertlands woordenboek, Weerd.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal