elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: renet

renet , ringnet , renet, eene appelsoort, ʼt Fransche reinette.
Bron: Molema, H. (1895), Woordenboek der Groningsche Volkstaal in de 19e eeuw (handschrift met aanvullingen op gedrukte editie uit 1887)
renet , ringenét , zelfstandig naamwoord de , Zie goudringenet.
Bron: Pannekeet, J. (1984), Westfries Woordenboek, Wormerveer
renet , renët , mannelijk , renëtte , renëtje , renet, reinet (appelsoort).
Bron: Schelberg, P.J.G. (1986), Woordenboek van het Sittards dialect, Amsterdam
renet , ringenet , roegenet, renet, renette , de , (Zuidoost-Drenthe, Kop van Drenthe, Midden-Drenthe, Zuidwest-Drenthe, zuid). Ook roegenet (Zuidoost-Drents zandgebied, veroud.), renet (Noord-Drenthe, Zuid-Drenthe), renette (Zuidwest-Drenthe, zuid) = reinet Die ringenetten, daor kuj goed appeltaart van bakken (Oos)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
renet , ringenet , ringenette, renette, renet , zelfstandig naamwoord , de; renet (bep. soort appel)
Bron: Bloemhoff, H., J. Withaar, A. Bloemhoff en T. Bontekoe (2005), Stellingwarfs-Nederlands Verklarend Handwoordenboek (SNVH), Berkoop/Oldeberkoop: Stichting Stellingwarver Schrieversronte.
renet , renèt , zelfstandig naamwoord , renette , snijmes (paardenhoeven)
Bron: Feijen, Jan (2013), Zoeë Kalle Vae - Weertlands woordenboek, Weerd.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal