elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: glazensnijder

glazensnijder , glaozesnéêjer , v , waterjuffer, waterlibel.
Bron: Kerkhoff, Chris (1970 ev), Dialectwoordenlijst van het Land van Cuijk, Cuijk
glazensnijder , glazesni-jer , libelle, papegaai.
Bron: Kuipers, Cor e.a. (1993), Zò bót ás en hiëp. Plat Hôrster, Horst.
glazensnijder , glaozesnéijer , libel , Ne glaozesnéijer dé's 'n schón bisje, 't zén nèt hilliekopterkes, meej die vleugeltjes. Een libel dat is een mooi beestje, het zijn net helikoptertjes, met die vleugeltjes.
Bron: Hendriks, W. (2005), Nittersels Wóórdenbuukske. Dialect van de Acht Zaligheden, Almere
glazensnijder , glaozesnijer , libelle, (insect).
Bron: Luysterburg, J. e.a. (2007), Dialecten in het Zuidkwartier. Hoogerheide, Ossendrecht, Putte, Woensdrecht, Heemkundekring Het Zuidkwartier.
glazensnijder , glaazesneejer , glaozesnééjer, glaozensnijer , zelfstandig naamwoord , libel (West-Brabant; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk)
Bron: Swanenberg, A.P.C. (2011), Brabants-Nederlands: Nederlands-Brabants: Handwoordenboek, Someren
glazensnijder , [libelle] , glazesniejer , (mannelijk) , glazesniejers , glazesniejerke , libelle, waterjuffrouw, zie ook wientemper
Bron: Tonnaer, M. en Har Sniekers (eindred.), (2012), Thoears Woeardebook, Thorn


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal