elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: zeverzak

zeverzak , zeiverzak , zeverzak , zeveraar, zanikerd.
Bron: Kerkhoff, Chris (1970 ev), Dialectwoordenlijst van het Land van Cuijk, Cuijk
zeverzak , zeiverzak , nöäler.
Bron: Kuipers, Cor e.a. (1993), Zò bót ás en hiëp. Plat Hôrster, Horst.
zeverzak , zieverzak , zieverkont, zieverklaos, zieverbek, zieverboard, z , de , Var. als bij zievern, ook zieverkont (Midden-Drenthe), zieverklaos (Zuidoost-Drents zandgebied, Midden-Drenthe), zieverbek (Zuidoost-Drents zandgebied, N), zieverbaord (N), ziever, zieverd = 1. kwijler Aj old wordt, woj een zeverzak (Ruw), Ik vin die boxers wal mooi, maor het bint zukke zevers (Bei) 2. ondereind van een Duitse pijp (Zuidwest-Drenthe, zuid, Zuidoost-Drents zandgebied) 3. zeurzak Die kèrel, dat is zo’n zeverzak, der komt gien èende an (Sle), Luster toch niet naor die zeverzak (Ruw), Dat is toch zo’n zeverd! (Hol)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
zeverzak , zieverzak , zelfstandig naamwoord , de 1. iemand die voortdurend zeurt, zanikt 2. kind dat kwijlt 3. ondereind van een Duitse pijp
Bron: Bloemhoff, H., J. Withaar, A. Bloemhoff en T. Bontekoe (2005), Stellingwarfs-Nederlands Verklarend Handwoordenboek (SNVH), Berkoop/Oldeberkoop: Stichting Stellingwarver Schrieversronte.
zeverzak , zeeverzak , vervelend persoon
Bron: Bergh, N. van den, e.a. (2007), Um nie te vergeete. Schaijks dialectboekje, Schaijk.
zeverzak , zeiverzak , (mannelijk) , zeurkous , Doe bès eine sjoeane zeiverzak: bekend Thorns carnavalsliedje.
Bron: Tonnaer, M. en Har Sniekers (eindred.), (2012), Thoears Woeardebook, Thorn
zeverzak , zêeverzak , zelfstandig naamwoord , Frans Verbunt (1996) - kletsmajoor; WBD III. 2. 2:25 'zeverlap(je) ' = slabbetje; Stadsnieuws -  zêeverzak / zêeverlap = kletsmajoor, iemand die altijd speeksel aan zijn lip heeft hangen. (140506); WNT ZEEVERLAP - 1) persoon die zeevert, kwijlt; 2) slab, slabbetje, zeeverdoek; 3) wauwelaar, zeurkous
Bron: Sterenborg, W. en E. Schilders (2014), Woordenboek van de Tilburgse Taal (WTT), Tilburg: Stichting Cultureel Brabant
zeverzak , zeiverzak , zeveraar
Bron: Arts, Jan (2015), Brónsgreun Bukske, Editie Veldes dialek, Velden.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal