elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: bissinge

bissinge , bizzinge , kermisgewoel. De Ommer bizzinge, de kermis te Ommen.
Bron: Halbertsma, J.H. (1835), ‘Woordenboekje van het Overijselsch’, in: Overijsselsche Almanak voor Oudheid en Letteren 1836, Deventer: J. de Lange.
bissinge , bissing , (vrouwelijk) , drukte, kermis. Bizzing: jaarmarkt (Almelo).
Bron: Gallée, J.H. (1895). Woordenboek van het Geldersch-Overijselsch Dialect. Deventer: H.P. Ter Braak
bissinge , bizzinge , vrouwelijk , bissing, jaarmarkt waar hoofdzakelijk houten landbouwwerktuigen werden verkocht, gehouden in Almelo, Vriezenveen, Den Ham, Ommen en Meppel
Bron: Jonker, L. & H.G. van Grol (z.j., ca 1940), Woordenboek dialect van Vriezenveen
bissinge , bissingen , bisse , Ik weet niet, of men uit het enkel geval, dat de jaarmarkt te Ommen De Bizzinge of gemeenlijk de bisse genaamd wordt, zoude mogen besluiten dat bizzinge in Overijssel jaarmarkt betekene en van een algemeen gebruik zij.
Bron: Dumbar, G., H. Scholten en J.A. de Vos van Steenwijk Vollenhove (1952), Het Dumbar Handschrift – Idioticon van het Overijsels in het einde der achttiende eeuw, uitgegeven door H.L. Bezoen, Deventer
bissinge , bizzege , zelfstandig naamwoord, vrouwelijk , 1 tijd waarin de koeien “bizn”, 2 bepaalde jaarmarkt
Bron: Schönfeld Wichers, K.D. (1959), Woordenboek van het Rijssens dialect, herdruk 1996, z.pl.
bissinge , bisse , bissing , (Zuidwest-Drenthe, zuid, Zuidoost-Drents zandgebied). Ook bissing (Pdh, dc) = markt, speciaal die in Ommen en Meppel De Ommer bisse was de tweide dingsedag in juli (Ruw)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal